''Muziek begoochelt soms het gemoed. En het maakt, wat goed is slecht; wat slecht is, goed.'' - William Shakespeare
Van jongs af aan heerst muziek om mij heen. Mijn wijlen vader begon met het bespelen van een trompet en eindigde met een trombone. Het was zelfs zo mooi dat vader en zoon, gedurende zijn laatste levensjaren, samen mochten optreden. Mijn moeder, een schooljuffrouw, beheerst de blokfluit als de beste. Daarnaast bezit mijn moeder een hemelse stem. Zowel mijn moeder als vader maakte en maakt deel uit van een koor. Mijn zusje (eigenlijk zus, maar de lieverd is door de jaren heen kleiner gebleven dan haar broertje) liet de muziek ietwat achterwege, maar dit is te allen tijde geaccepteerd.
Zelf
ben ik vanaf mijn negende levensjaar in de ban geraakt van drummen.
Geen idee waarom, maar het instrument begon mij te fascineren. Op
aanraden van mijn moeder begon ik destijds aan drumles. Mijn
voormalig leraar is een vast lid van de militaire kapel. Jawel, de
kapel die in opdracht van en voor het Koninklijk Huis speelt.
Mening keer kwam hij, Roland, opdraven in zijn legertenue om mij
wegwijs te maken met drumstokken en een drumstel.
Mijn
ouders waren en zijn fan van klassieke muziek. Mijn vader kon
daarnaast jazz waarderen. Met name Dixieland, de vroege stijl van jazzmuziek ontstaan in New Orleans, kon zijn attentie te allen tijde hebben. Mijn ouders gingen vroeger samen naar jazzconcerten. Dit hoorde ik dus vandaag pas. Waarschijnlijk weigerde mijn zusje en ik om maar enigszins in de buurt van het concertgebouw te willen komen.
Waardeloze muziek vond ik jazz. Om gek van te worden. Tot enkele maanden terug. De muziek, beter bekend als jazz, is mij gaan integreren. Wie had dat gedacht? Ik niet in ieder geval. Maar wat is het mooi. Er zit een geluid in dat je brengt naar plekken die je enkel kent wanneer je een fijne droom ervaart. Het is zo. De tijdloze jazz. De jaren '20 en '30 die ineens ten tonele komen. Sindsdien worden mijn bovenbuurmeisjes - sorry sorry, Lisan en Milet - gek van onder andere Billie Holiday, Glenn Millers, Louis Armstrong en Miles Davis. Niet alleen ik, maar ook Bart, mijn huisgenoot, is in de ban geraakt door deze muziek. Wanneer hij thuiskomst, dan is de eerste vraag: ''Waar is de jazz?'' ''Drew, waarom hoor ik geen jazz?'' Vervolgens zet ik jazz op en onder het genot van een drankje vertoeven we op ons balkon in de zon. Heerlijke bezigheid na een drukke werkdag.
Waardeloze muziek vond ik jazz. Om gek van te worden. Tot enkele maanden terug. De muziek, beter bekend als jazz, is mij gaan integreren. Wie had dat gedacht? Ik niet in ieder geval. Maar wat is het mooi. Er zit een geluid in dat je brengt naar plekken die je enkel kent wanneer je een fijne droom ervaart. Het is zo. De tijdloze jazz. De jaren '20 en '30 die ineens ten tonele komen. Sindsdien worden mijn bovenbuurmeisjes - sorry sorry, Lisan en Milet - gek van onder andere Billie Holiday, Glenn Millers, Louis Armstrong en Miles Davis. Niet alleen ik, maar ook Bart, mijn huisgenoot, is in de ban geraakt door deze muziek. Wanneer hij thuiskomst, dan is de eerste vraag: ''Waar is de jazz?'' ''Drew, waarom hoor ik geen jazz?'' Vervolgens zet ik jazz op en onder het genot van een drankje vertoeven we op ons balkon in de zon. Heerlijke bezigheid na een drukke werkdag.
Jaren terug had ik niet verwacht deze muziek te kunnen en willen waarderen, maar vandaag de dag bewijst zich dat het wel degelijk zo is. Ga ik, al dan niet met anderen, langs kroegen om jazz-momenten te ervaren. Café Hofman in Utrecht heeft maandelijks een jazzmiddag. Niet te vergeten: zondag 24 mei vindt het Jazzfestival weer plaats in Utrecht. Vriendinnetje Josephine, eveneens fan, joint mij dan om te genieten van deze muziek. Dansjes, drankjes en genieten van jazz bij Janskerkhof.
Hoe dan ook: muziek verbindt, muziek blijft verbinden. En daarvoor dank.